U bevindt zich hier:

Schoonmakers slepen Staat voor de rechter vanwege rijkskantoren

15 juni 2017

Negen schoonmaakbedrijven slepen de Nederlandse Staat voor de rechter. Ze vechten het besluit aan dat commerciële bedrijven geen schoonmaakprojecten bij rijksdiensten meer mogen uitvoeren. De schoonmaakbedrijven vinden dat zij als private partijen moeten mogen meedingen naar opdrachten van het Rijk.

De rijksoverheid besloot in 2015 dat het de schoonmaak van zijn gebouwen, een klus voor enkele duizenden schoonmakers, stapsgewijs (weer) in eigen hand gaat nemen, de zogeheten inbesteding. Het richtte daartoe de Rijksschoonmaakorganisatie (RSO) op.

De overheid voerde twee redenen aan voor dit beleid. Ten eerste zouden de werkgevers in de sector hun schoonmakers te weinig zicht geven op een vaste baan en te weinig opleiding en waardering geven. Daarnaast zou het emplooi betekenen voor ambtenaren die elders bij het Rijk overbodig zijn geworden en voor mensen met een arbeidsbeperking.

De schoonmaakbedrijven zijn nu een zogeheten bodemprocedure begonnen tegen de Nederlandse staat. Dat betekent dat het een langdurige zaak wordt, die uiteindelijk tot een bindende, definitieve uitspraak zal leiden.

Er loopt ook een procedure van brancheorganisatie OSB bij de Europese Commissie. De vereniging van schoonmaakbedrijven wil inbesteding van schoonmaakwerk ongedaan maken, omdat die onrechtmatig zou zijn. Belangrijkste argument: de overheid mag niet in de markt interveniëren.

Bron: Het Financieele Dagblad

Terug